Concurrentiebeding bij franchise: wat betekent dit voor jouw horecazaak?
Je exploiteert een restaurant binnen een franchiseformule, maar wilt na verloop van tijd zelfstandig verder of overstappen naar een andere formule. Mag dat zomaar? Een concurrentiebeding in je franchiseovereenkomst kan bepalen welke mogelijkheden je na beëindiging van de samenwerking hebt.
Voor horecaondernemers is dit een belangrijk aandachtspunt. Bij de start van een franchise ligt de nadruk vaak op de opening van de zaak, de inrichting, de exploitatie en de financiële afspraken. Bij het aangaan van de samenwerking is er niet altijd voldoende aandacht voor de voorwaarden die gelden bij beëindiging. Toch kunnen deze bepalingen van invloed zijn op je volgende stap als ondernemer.
Wat houdt een concurrentiebeding bij franchise in?
Een concurrentiebeding is een afspraak die een franchisenemer beperkt in de werkzaamheden die hij na het einde van de franchiseovereenkomst mag verrichten. De franchisegever kan hiermee willen tegengaan dat de franchisenemer de tijdens de samenwerking overgedragen knowhow gebruikt voor concurrerende activiteiten.
Denk bijvoorbeeld aan een horecaondernemer die binnen een franchiseformule werkt met specifieke bereidingswijzen, bedrijfsprocessen of een uitgewerkt concept. Wanneer de samenwerking eindigt, kan de franchisegever er belang bij hebben dat deze kennis niet op een manier wordt gebruikt die rechtstreeks concurreert met de franchiseformule.
Dat betekent echter niet dat een franchisenemer na beëindiging van de overeenkomst niet meer in de horeca mag werken. De Wet franchise stelt duidelijke voorwaarden aan de geldigheid van een concurrentiebeding. Deze zijn opgenomen in artikel 7:920 lid 2 van het Burgerlijk Wetboek (BW).
Aan welke voorwaarden moet een concurrentiebeding voldoen?
Een concurrentiebeding is alleen geldig als het voldoet aan de wettelijke voorwaarden. Deze bepalen hoelang de beperking mag duren, op welke activiteiten deze betrekking mag hebben en binnen welk gebied de franchisenemer wordt beperkt.
1. Het concurrentiebeding moet schriftelijk zijn vastgelegd
De afspraak moet schriftelijk zijn vastgelegd. Zo is duidelijk welke beperkingen na beëindiging van de franchiseovereenkomst van toepassing zijn.
Als je een horecazaak wilt starten binnen een franchiseformule, is het verstandig om deze bepaling al vóór ondertekening te bekijken. Zo weet je welke gevolgen de overeenkomst kan hebben wanneer je later een eigen restaurant wilt openen of een andere zakelijke richting wilt kiezen.
2. De beperking mag alleen betrekking hebben op concurrerende activiteiten
Het concurrentiebeding mag uitsluitend betrekking hebben op goederen of diensten die concurreren met de goederen of diensten waarop de franchiseovereenkomst betrekking had.
Voor een horecaondernemer betekent dit dat de beperking moet aansluiten bij de activiteiten van de betreffende franchiseformule. Een beding mag niet zomaar alle werkzaamheden binnen de horecabranche verbieden.
Wanneer je bijvoorbeeld een lunchroom exploiteert binnen een franchiseformule, moet worden beoordeeld welke goederen of diensten onder die formule vallen en in hoeverre de voorgenomen activiteiten daadwerkelijk concurrerend zijn.
3. De beperking moet noodzakelijk zijn voor de bescherming van knowhow
De wet stelt als voorwaarde dat de beperking onmisbaar is om de knowhow te beschermen die de franchisegever aan de franchisenemer heeft overgedragen.
Knowhow kan bijvoorbeeld bestaan uit specifieke bereidingswijzen, interne werkprocessen of andere kennis die van belang is voor de exploitatie van de horecazaak binnen de franchiseformule.
De franchisegever kan een concurrentiebeding dus niet uitsluitend rechtvaardigen met de wens om te voorkomen dat de franchisenemer een concurrerende onderneming begint. De beperking moet onmisbaar zijn voor de bescherming van de overgedragen knowhow.
4. Het concurrentiebeding mag maximaal één jaar duren
Een concurrentiebeding mag niet langer duren dan één jaar na het einde van de franchiseovereenkomst.
Dit is bijvoorbeeld relevant wanneer je na beëindiging van de samenwerking een eigen restaurant wilt openen. Je moet dan nagaan of de geplande activiteiten onder het concurrentiebeding vallen en hoelang de beperking nog geldt.
De wettelijke termijn is een maximum. Een concurrentiebeding dat de franchisenemer langer dan één jaar beperkt, voldoet niet aan deze voorwaarde.
5. Beperking van het geografische gebied
Ook het gebied waarbinnen het concurrentiebeding geldt, is aan wettelijke grenzen gebonden. De geografische reikwijdte mag niet groter zijn dan het gebied waarbinnen je de franchiseformule op grond van de franchiseovereenkomst hebt geëxploiteerd.
Voor een horecaondernemer is het daarom belangrijk om na te gaan welk gebied onder de exploitatie van de zaak valt en of de geografische beperking in de overeenkomst daarmee overeenkomt.
Wat betekent dit als je na de franchise zelfstandig verder wilt?
Misschien wil je na beëindiging van de samenwerking een eigen horecaconcept ontwikkelen, een bestaand restaurant overnemen of een zaak openen onder een andere naam. In dat geval is het belangrijk om vooraf te beoordelen of het concurrentiebeding invloed heeft op je plannen.
Bekijk niet alleen de duur van het beding, maar ook de activiteiten die worden beperkt en het gebied waarop de afspraak betrekking heeft. Daarnaast kunnen andere bepalingen relevant zijn, bijvoorbeeld over het gebruik van de handelsnaam, vertrouwelijke informatie of de overdracht van de onderneming.
Door deze afspraken tijdig te beoordelen, voorkom je dat je pas bij de beëindiging van de samenwerking ontdekt dat bepaalde plannen mogelijk worden beperkt.
Wat als het concurrentiebeding niet aan de wet voldoet?
Een concurrentiebeding dat in strijd is met artikel 7:920 BW, is op grond van artikel 7:922 BW nietig ten aanzien van in Nederland gevestigde franchisenemers. Dit geldt ongeacht het recht dat op de franchiseovereenkomst van toepassing is.
Nietigheid betekent dat het betreffende beding juridisch geen geldige werking heeft. Of een concrete bepaling daadwerkelijk in strijd is met de wet, hangt af van de inhoud van de overeenkomst en de omstandigheden van de samenwerking.
Het is daarom niet verstandig om ervan uit te gaan dat iedere beperking in een franchiseovereenkomst automatisch geldig is. Bij twijfel kan een gespecialiseerde franchise jurist of advocaat beoordelen wat de bepaling betekent voor jouw situatie.
Waar moet je als horecaondernemer op letten?
Overweeg je een franchiseformule te starten of wil je na beëindiging van de samenwerking een eigen horecazaak beginnen? Neem het concurrentiebeding dan mee in je beoordeling van de overeenkomst.
Controleer in ieder geval of de afspraak schriftelijk is vastgelegd, uitsluitend betrekking heeft op concurrerende goederen of diensten, onmisbaar is voor de bescherming van de overgedragen knowhow, niet langer dan één jaar duurt en geografisch binnen de wettelijke grenzen blijft.
Hoe kan HORECAVEST u verder helpen?
Wilt u na het beëindigen van uw franchiseovereenkomst een eigen horecazaak starten of een bestaande onderneming overnemen? HORECAVEST begeleidt horecaondernemers bij de aan- en verkoop van horecabedrijven en de zoektocht naar een passende horecalocatie. Zo kunt u uw mogelijkheden voor een volgende stap als ondernemer in kaart brengen. Voor een juridische beoordeling van het concurrentiebeding kan advies van een gespecialiseerde franchise jurist of advocaat van toegevoegde waarde zijn.